
Tijdens het schrijven van mijn boek kwam ik erachter dat mijn uitstelgedrag niet ontstaat door één factor, maar een combinatie is van verschillende factoren samen. Perfectionisme en het hardnekkig vasthouden aan dromen die nooit uitkomen (roze wolken) zijn beide perfecte ingrediënten voor uitstelgedrag.
Ik heb voor morgen de beste plannen, schema’s en ideeën op de plank liggen, maar weet voorbaat al dat ik die plank mis ga slaan. Morgen is veilig, morgen is later, morgen is niet nu. Morgen kan geen kwaad. Morgen heb ik geen invloed op, morgen is morgen en dan zien we wel weer… Mijn morgen is een sprookje, een fata morgana. Een luchtspiegeling vol roze wolken. Het luchtkasteel van madam Inner Criticus, ver buiten het bereik van de realiteit. Afgebakend van de route naar succes en de route van doorzetten. Mijn morgen is een loze belofte vermomd in een heerlijke, dikmakende, roze, zoete, kleffe suikerspin.
“Mijn morgen is een loze belofte vermomd in een heerlijke, dikmakende, roze, zoete, kleffe suikerspin”
Okay, in het lyrisch essay van de vorige paragraaf zijn het voornamelijk de plannen en voornemens die blijven kleven aan de suikerspin. In m’n vorige blogpost heb ik hier al uitgebreid over geschreven. Maar hoe zit het nu met de gewone dagelijkse taken die worden uitgesteld? In feite zijn het allemaal kleine dingen waarbij nou niet echt het toekomstbeeld op het spel staat. Gedoe is hier het sleutelwoord! Ik merk dat als ik iets uitvoer dat me geen moeite kost, ik het zonder nadenken doe. Kost iets me energie, omdat er gedoe bij komt kijken, dan slaan mijn hersenen geheid op de vlucht. Zo zit ik bij administratief werk steevast op het internet en stel ik zaken die ik moet uitzoeken almaar uit. Ik ben daarom ook supertrots op mezelf als ik mijn wekelijkse lijstje met lastige dingen heb afgerond. Er komt alleen nooit een einde aan, want lastige dingen horen nou eenmaal ook bij het leven.